Gebruiksaanwijzing Gr +/- mastitis sneltest

Gebruiksaanwijzing Gr +/- mastitis sneltest

Volg voor het inzetten en aflezen van de Gr +/- mastitis sneltest onderstaand stappenplan. Dit wordt ook uitgelegd in het filmpje.

Benodigdheden:
Melkmonsterbuisje(s), watervaste stift, tepeldoekje(s) en handschoenen, steriel pipetje, teststrip, incubator.

Voorbereiding:

  1. Noteer het koenummer, datum en kwartier op het melkbuisje met een watervaste stift.
  2. Maak de uier en speen schoon met een schone doek.
  3. Melk een aantal stralen melk weg.
  4. Ontsmet de speenpunt met een tepeldoekje en/of spiritus met watten.
  5. Melk nogmaals 2-3 stralen melk weg.
  6. Neem het melkbuisje tussen duim en wijsvinger. Druk met uw duim het dopje naar boven. Zorg ervoor dat de dop zover omhoog staat dat de opening van de buis volledig vrij is. Voorkom dat u de binnenkant van het dopje raakt. Melk een aantal stralen melk in de melkbuis en sluit het dopje.
  7. Plaats de melk zo spoedig mogelijk op de Gr +/- teststrip (koel of vries de melk niet)

Inzetten van de Gr +/- mastitis sneltest:

  1. Plaats de Gr +/- teststrip op een horizontaal oppervlak.
  2. Zuig de melk op met behulp van een steriele pipet. Bij erg vlokkerige melk de melk iets laten uitzakken zodat er weinig tot geen vlokken in de pipet komen, hierdoor kan de teststrip verstopt raken.
  3. Doseer de melk op de ronde monsterholte door stevig op de pipetbal te drukken.
  4. Wacht totdat de melk zichtbaar is in de drie rechthoekige testoppervlakken.
  5. Plaatst de teststrip in de mini incubator. Check of de incubator aan staat (knipperend groen lampje).
  6. Zorg ervoor dat de teststrip altijd horizontale positie blijft.
  7. Bewaar de rest van het melkmonster in de koelkast of vriezer en stuur dit in naar het laboratorium om de precieze mastitiskiem te detecteren.

Aflezen van de Gr +/- mastitis sneltest:

  1. De teststrip kan na ongeveer 12-16 uur worden afgelezen. Indien nog geen groei is aangetoond na 16 uur de teststrip 24 uur na het inzetten nogmaals aflezen, sommige bacteriën hebben langer de tijd nodig voor een kleuromslag.
  2. Bij het aflezen wordt gekeken naar de kleuromslag in de afleesvensters. Bij het aflezen worden de afleesvensters van boven naar beneden afgelezen (zie ook figuur 1):
    1. Bovenste afleesvenster. Als het bovenste afleesvenster na 16 uur blauw blijft is er geen bacteriegroei aangetoond in het melkmonster. Als het bovenste testoppervlak geel is duidt dit op bacteriegroei in het melkmonster (gezichtje is niet blij).
    2. Middelste afleesvenster. Als het middelste afleesvenster geel is geworden duidt dit op de aanwezigheid van Gram negatieve bacteriën in het melkmonster. Als dit afleesvenster blauw is geworden duidt dit op de aanwezigheid van Gram positieve bacteriën.
    3. Onderste afleesvenster. Het onderste afleesvenster is een referentieveld voor de kleur blauw. Afhankelijk van het type bacteriën en vetgehalte kan de kleur blauw soms iets variëren per monster. Deze kleur blauw wordt als referentie genomen om te bepalen of er in het bovenste en middelste afleesvenster een kleuromslag naar blauw heeft plaatsgevonden.
  3. Gebruik voor de beslissing over de behandeling van mastitis naar aanleiding van de uitslag van de Gr +/- mastitistest bijvoorbeeld het stroomschema in figuur 1 (maar niet zonder dat u samen met uw dierenarts dit stroomschema hebt doorgenomen en uw bedrijfsbehandelplan hebt aangepast). Bij twijfel over de interpretatie van de resultaten van de Gr +/- mastitistest, neem contact op met de praktijk of stuur via de app een foto van het resultaat.


Figuur 1: Interpretatietabel Gr +/- mastitissneltest